Pagina's

zondag, juni 24, 2012

Het Lied van de Dulle Griet (Pé Boonaparte)




Uit De Bende van de Boonaparten:

Een klein dorpje in Lagelande... De Yzeren Keizer wil daar de grootste kathedraal ter wereld bouwen; zo is het dorpje ook aan zijn naam gekomen: Kathedraalst. Volkszanger Lodewijk Boonaparte heeft zich in zijn protestliederen altijd verzet tegen de megalomanie van de Yzeren Keizer, maar nu hij op honderdjarige leeftijd is overleden, wil die hem net hier bijzetten in een praalgraf. Door het symbool van verzet tegen zijn bewind te recupereren, hoopt de Yzeren Keizer alsnog de ontluikende revolutie tegen zijn Schrikbewind te bezweren...

Een verre achterachterneef, Pé Boonaparte, organiseert het verzet en strijkt tijdens het grote jaarlijkse volksfeest neer in Ganda (ook bekend van de HAM), waar hij een bescheiden kerkje ontwijdt tot een heus Hof van Mirakelen. Samen met zijn Bende van de Boonaparten wil hij hun held op een passend artistieke en cultureel tamelijk correcte wijze ten grave dragen, en zo het eeuwige leven geven...

En natuurlijk leven ze zich ook uit in allerlei "Spotliederen op de Yzeren Keizer", waarvan deze er één is:

DE BALLADE VAN DE DULLE GRIET
(AAN DE OEVERS VAN DE LEIE)


Aan de oevers van de Leie,
diep verscholen in het riet,
had Zijne Majesteit de Keizer
Zijn allereerste Miet 'n'Griet.

Aan de oevers van de Leie
lag 'n Dulle Griet - ah Nikke Speed! -
met Zijne Majesteit te vrijen,
maar denderend vond zij Hem niet.

"O, gij!... Mijn Yzeren Keizer!"
sprak zij toen, die Dulle Griet.
"Gij zijt bijna helegans van ijzer,
alleen Uw onderdaan zo niet!"

Van top tot teen was Hij van ijzer,
maar Hij had geen lid van graniet,
want Zijne Majesteit de Keizer
viel op Boonaparte Piet.

Aan de oevers van de Leie
ligt zij nu nog, die Dulle Griet,
ja aan de oevers van de Leie
ligt een kanon... dat niet schiet.

(Pé Boonaparte)

Geen opmerkingen: